PROV. OOST-VL. - Erfgoedcentrum Ename

Nieuwbouw van een bezoekerscentrum - Erfgoedcentrum Ename te Oudenaarde: ruwbouw, afwerking en technieken

Met de oprichting van het erfgoedcentrum te Ename, krijgt de provincie Oost-Vlaanderen de mogelijkheid om de rol van het erfgoed in de hedendaagse samenleving volop onder de aandacht te brengen van het grote publiek. De bouw van het erfgoedcentrum maakt deel uit van het ambitieus Landinrichtingsproject Leie en Schelde van de Vlaamse Landmaatschappij. Het erfgoedcentrum ent zich op de herwaardering van de abdijmuur, de heraanleg van de “Lange Gracht” en de oude Scheldemeander. Langsheen de abdijmuur komt een publiek voetgangers- en fietspad, de verbinding tussen Ename, de archeologische site en het Scheldelandschap.

In het ontwerpproces is de metafoor van de loods naar voor geschoven waarbinnen verschillende activiteiten flexibel kunnen worden georganiseerd. Het erfgoedcentrum is opgevat als een werkplaats, waar het publiek het archeologisch proces, de opgraving zelf, het zeven, wassen, nummeren, herstellen, catalogiseren, het onderzoek en het resultaat van het onderzoek kan meemaken.

De dynamiek van het gebouw krijgt vorm in de verschillende expocycli: een permanent bezoekerscircuit dat inzicht geeft in de archeologische kennisproductie, een vaste expo met regionale context en wisselende tentoonstellingen die nieuwe thema’s aanreiken aan het publiek. Een dubbelhoge hal, al dan niet in interactie met de exporuimten op de mezzanine, is voorbestemd voor een permanente expo. De architectuur laat de opstellingswijze van de expo vrij. De multifunctionele zaal is opdeelbaar in een mezzanine niveau en gelijkvloers en inzetbaar voor tijdelijke tentoonstellingen en publieksevenementen voor groepen van 80 tot 380 personen. Flexibiliteit is dan ook het sleutelbegrip in dit dynamisch centrum dat bezoekers blijvend wil verrassen.

Het gebouw wordt gekenmerkt door een sober volume met voldoende massa. Het bestaat uit een harde kern, opgetrokken in beton, waarin de faciliteiten en de circulaties zijn opgenomen. Deze kern schraagt de zinken overkappingen die de grote vrije ruimten afbakenen. De materialen zijn eenvoudig en robuust: beton, hout, glas en zink. Speciale aandacht gaat uit naar het zichtbaar beton, voorzien van plankenstructuur als oudsher evenals de gevelelementen uit glasvezelbeton. De compacte vorm van het concept brengt de verschillende programmacomponenten tot interactie, is bouweconomisch en een belangrijke stap tot een energie-efficiënt en duurzaam gebouw.

Een bezoek aan de archeologische site, gekoppeld aan een bezoek aan het nieuwe erfgoedcentrum wordt zeker en vast de moeite waard…